Braams&Partners

Opzoekboekje spelling

Inleiding

In het opzoekboekje Spelling zijn twee categorieën opgenomen:

  • Spelling (kaartjes met de gele rand)
  • Werkwoordspelling (kaartjes met de rode rand)

De kaartjes van het opzoekboekje waren in eerste instantie bedoeld voor leerlingen die bij Braams&Partners een dyslexiebehandeling kregen. Al gauw bleek dat ze ook voor anderen een uitstekend hulpmiddel waren. Door de kaartjes als pakket voor een (insteek)boekje aan te bieden, hoopt Braams&Partners aan deze behoefte te voldoen. Het open systeem biedt de gebruiker de mogelijkheid de kaartjes te gebruiken die hij of zij nodig heeft en kaartjes die niet aansluiten niet in het insteekmapje op te nemen.

 

Bij Braams&Partners wordt gewerkt vanuit de klankstructuur van woorden, niet vanuit het alfabetisch principe. Alle klanken van de Nederlandse taal zijn gecategoriseerd als korte en lange klanken, als twee-, drie- en viertekenklanken en als medeklinkers weergegeven op het klankbord. Het klankbord is te zien op het eerste kaartje met gele rand.

 

Omdat veel spellingregels van de Nederlandse taal worden toegepast op de laatste klank van een woord of klankgroep, worden in de methode de langere woorden ‘gesplitst’. Men dient dit niet te verwarren met het verdelen in lettergrepen (zie het kaartje splitsen = onderste foto)! De woorddelen die zo ontstaan worden ‘klankvoeten’ genoemd. Is de laatste klank (dat wat je hoort) van een klankvoet een ‘korte klank’ of ‘lange klank’ dan volgt daarop een eenduidige spellingregel. Die laatste klank van een klankvoet wordt ‘klankteen’ genoemd.

 

De methode die Braams&Partners hanteert, komt niet in alle opzichten overeen met de verschillende methodes voor spelling die in het basisonderwijs worden gebruikt. Maar het uiteindelijke doel is hetzelfde: het leren van de correcte spelling van de Nederlandse taal.
Soms worden in het opzoekboekje andere termen gebruikt (ontleend aan Kooremans methode Letterstad), zoals ‘fopletter’ en ‘tekendief’ waar deze in andere methoden worden aangeduid als ‘kleefletter’ en ‘letterdief’ of ‘Jantje Snoeper’. Binnen de methode is gezocht naar termen die nauw aansluiten bij de functie van de betreffende letter of regel. In de praktijk is gebleken dat hierdoor geen verwarring ontstaat bij de kinderen die op heel gestructureerde wijze een beperkt aantal spellingregels leren. 

 

Algemene opmerkingen

  • De volgorde van de toelichting bij de kaartjes is willekeurig en is niet van invloed op de volgorde waarop de kaartjes bij de leerlingen worden geïntroduceerd.
  • De inhoud van de kaartjes is ontleend aan de methodiek en werkwijze zoals die wordt toegepast door de remedial teachers/orthopedagogen die werkzaam zijn bij Braams&Partners. Deze methodiek en werkwijze staan los van spellingmethodes die in het basisonderwijs gebruikt worden.
  • Bij enkele kaartjes zijn varianten toegevoegd. De leerling kan kiezen welke hij/zij het liefst gebruikt.
  • Vragen, opmerkingen en/of suggesties met betrekking tot de inhoud (of: samenstelling) van de kaartjes voor het opzoekboekje kunt u mailen naar: info@opzoekboekje.nl

Aan het tot stand komen van de kaartjes en de toelichting  voor het opzoekboekje spelling hebben meegewerkt: Annemarieke Aarnoutse, Klara Korf, Ruurdje van Laar, Fenneken Onvlee, Tamar Schukkink en Sylvia Zwart.

 

Download hieronder de toelichting bij de kaartjes:

Toelichting bij de kaartjes die in het opzoekboekje ‘spelling’ en ‘werkwoordspelling’ zijn opgenomen