|
|||||||||||||||


© Braams&Partners, Deventer
2002
publiceren op welke wijze dan ook is niet toegestaan.
Niets gaat er bij mensen vanzelf. Je hersenen moeten alles voor je regelen. Ze zorgen ervoor dat je kunt ademen en kunt voelen, dat je kunt bewegen en dingen kunt onthouden. Zelfs als je slaapt, zijn je hersenen nog aan het werk!
Ook bij alles wat taal is, of je nu woorden hoort, woorden spreekt, woorden leest of woorden schrijft, worden je hersenen aan 't werk gezet.
![]() |
In de hersenen zijn veel gebieden die hun eigen taak hebben. Op het plaatje hiernaast hebben verschillende stukken een eigen kleur gekregen. Het blauwe stuk zorgt voor de bewegingen van je lichaam. Daar wordt bij voorbeeld een seintje naar je hand gestuurd als je iets wilt pakken. Het groene stuk is voor het zien. De ogen sturen daar de informatie heen. De ogen weten niet wat ze zien, het zijn een soort camera´s, ze nemen de informatie op en sturen het door naar de visuele hersenen. Daar wordt uitgezocht wat de ogen hebben gezien. Pas als het door de visuele hersenen is verwerkt, snap je wat je ziet. De rode stukken zijn de taalgebieden. Daar wordt alles geregeld wat met praten, horen, lezen en schrijven te maken heeft. |
Bij het lezen zien de ogen de letters en de woorden. Die worden naar het visuele hersengebied gebracht (het groene stuk in het plaatje hierboven). Daar wordt de vorm van de letters herkend.
Bijvoorbeeld: heeft de letter twee stokjes, naar welke kant zit het bolletje, is het een grote letter of een kleine.
Daarna gaat de informatie naar het achterste taalgebied (het rode gebiedje wat tegen het groene gebied aan ligt). Dat gebied is heel erg belangrijk voor het lezen.
Dat achterste taalgebied mag je gerust de taalcomputer van de hersenen noemen. Alle woorden die je hoort of uitspreekt worden daar vliegensvlug verwerkt.
Bij dyslectische kinderen gaat het precies zo, alleen een heel klein beetje langzamer.
| De dyslexie zit dus in je hersenen. Je komt er niet meer van af... Je blijft het je hele leven. Maar je kunt er wel veel aan doen. Je kunt je hersenen trainen, zodat je minder last van je dyslexie hebt. Met goede hulp kan bijna elk kind goed leren lezen. De meeste kinderen met dyslexie kunnen ook redelijk leren spellen.
Meestal is het erfelijk: er zijn vast meer mensen in jouw familie die het hebben. Ik ken een familie waarvan alle kinderen dyslectisch zijn (vader en moeder zijn het ook)! |
![]() |
Tom Braams
